B56

ἐκϐάλλεσθαι καὶ ῥαπίζεσθαι καὶ Ἀρχίλοχον ὁμοίως. ἐξηπάτηνται, (φησίν) οἱ ἄνθρωποι πρὸς τὴν γνῶσιν τῶν φανερῶν παραπλησίως Ὁμήρῳ, ὃς ἐγένετο τῶν Ἑλλήνων σοφώτερος πάντων. ἐκεῖνόν τε γὰρ παῖδες φθεῖρας κατακτείνοντες ἐξηπάτησαν εἰπόντες· ὅσα εἴδομεν καὶ ἐλάϐομεν, ταῦτα ἀπο­λείπομεν, ὅσα δὲ οὔτε εἴδομεν οὔτ᾽ ἐλάϐομεν, ταῦτα φέρομεν.

Hippolytos, IX, 9, 6

transliteration

  • Exèpatèntai hoi anthropoi pros tèn gnosin toon faneroon, paraplèsioos Homèrooi, hos egeneto toon Hellènoon sofoteros pantoon. Ekeinon te gar paides ftheiras katakteinontes exèpatèsan eipontes: ‘Hosa eidomen kai elabomen, tauta apoleipomen, hosa de oute eidomen out’ elabomen, tauta feromen’.

eng

  • Men are deceived over the recognition of visible things, in the same way as Homer, who was the wisest of all the Hellenes; for he too was deceived by boys killing lice, who said: ‘What we saw and grasped, that we leave behind; but what we did not see and did not grasp, that we bring.’ (FREEMAN)
  • Men are deceived in the recognition of what is obvious, like Homer who was wisest of all the Greeks. For he was deceived by boys killing lice, who said: what we see and catch we leave behind; what we neither see nor catch we carry away. (KAHN)
  • Humans have been deceived by the appearances like Homer, although he was the wisest of all the Greeks. For he too was deceived by the children who told him (a puzzle) while killing lice: “all we have seen and grasped, we have lost, and all we have neither seen nor grasped, we have gained”. (LEBEDEV)

fra

rus

  • Люди были обмануты явлениями подобно Гомеру, который превзошел всех эллинов в мудрости. И его тоже ребята обманули, убивавшие вшей, загадавши: что увидали да поймали, того лишились, а чего не увидали и не поймали, то приобрели. (ГЕБЕДЕВ)

ndl

  • Wat betreft de kennis van wat voor de hand ligt, laten de mensen zich door illusies leiden. Zij lijken daarin op Homerus, die wijzer was dan alle Grieken. Hem namelijk leiden jongens die luizen hebben gedood, om de tuin door te zeggen ‘Wat wij gezien hebben en gevangen, dat hebben wij achtergelaten, en wat wij niet gezien en niet gevangen hebben, dat hebben we bij ons.’ (VERHOEVEN)
  • De mensen zijn ten aanzien van het doorzien van het klaarblijkelijke aan misleiding ten prooi op vergelijkbare wijze als Homerus, die van alle Grieken nog de wijste was. Die liet zich immers misleiden door knapen die luizen hadden doodgemaakt en zeiden: ‘Wat wij gezien en niet gevangen hebben, dat laten wij achter, en wat wij niet gezien en niet gevangen hebben, dat nemen wij mee.” (MANSFELD)
  • Mensen laten zich bij het doorzien van verschijnselen al net zo misleiden als Homerus, die de knapste van alle grieken was. kinderen die hun luizen hadden doodgeknepen, misleidden hem met de woorden: ‘”Wat we zagen en vingen, dat laten we achter; wat we niet zagen en vingen, dat nemen we mee”. (CLAES)